British flag  Bandeira brasileira
Plaatje familiewapen De Munnick


 

Plaatje Braziliaanse vlag Brazilië: goudzoekers versus indianen

‘Carlos, stuur goud, de kleine moet naar het ziekenhuis’

Bert Ernste

NRC Handelsblad 20 januari 1990

PISTA JEREMIAS, 20 jan. Na een uur lang over bijna niets anders dan het uitgestrekte groen van het oerwoud te hebben gevlogen, doemt ineens een grote open plek in de begroeiing op. Een landingsbaantje van rode aarde en stenen, er langs staan houten barakken en een paar vliegtuigwrakken. De goudzoekers van Pista (vliegveldje) Jeremias in de Noordoost Braziliaanse staat Roraima drommen samen om te zien wat het vliegtuig deze keer brengt.

Het is voor de goudzoekers een onzekere tijd. Zij moeten het gebied verlaten, omdat dat in het reservaat van de Yanomami-Indianen ligt. Goudzoeker David Strasberg: “Ik weet niet wat er nu gaat gebeuren. Ik heb geen geld voor de terugreis.” Het werk ligt stil op Pista Jeremias omdat de federale politie de bevoorrading van de goudzoekerskampen in een Indianengebied heeft stilgelegd. Als Strasberg niet de kans krijgt om nog een aantal dagen te werken, heeft hij geen goud om zijn terugreis te betalen en dat geldt voor de meeste van de ongeveer vijfduizend goudzoekers die rond Pista Jeremias werken.

Het dichte woud rondom het goudzoekerskamp geeft een gevoel van complete isolatie. Ineens stappen uit die schijnbaar ondoordringbare muur echter drie Yanomami-Indianen. Voorop een man, gekleed in korte broek en T-shirt met twee speren en enkele meters daarachter twee vrouwen in rode rokken. De vrouwen zijn nauwelijks anderhalve meter lang. De man is niet zo heel veel langer. Ze worden onmiddellijk omringd door de goudzoekers die goedmoedig, maar met veel onbegrip voor deze vreemde mensen grapjes maken. Antonio Alvaro Carvalho, een magere man met grijs haar en een stoppelbaard, vindt de blote borsten van de vrouwen aanstootgevend. “Ziet u hoe deze mensen erbij lopen?” , vraagt hij bezorgd. De goudzoekers spreken weinig Yanomami en de Indianen spreken weinig Portugees. In gebarentaal vragen de vrouwen om shirtjes. In de kantine krijgen ze eieren, biscuitjes en meel.

Hulp
De goudzoekers hebben weinig begrip voor het besluit van de regering om hen uit het gebied van de Yanomami-Indianen te verwijderen. Ze zijn ervan overtuigd dat zij de Indianen juist helpen. Ze geven ze eten en medicijnen. Wegens de aanwezigheid van de journalisten doen de goudzoekers hun uiterste best om de Indianen te laten zeggen dat de Dienst voor Indianenzaken (FUNAI) niets voor ze doet en dat de garimpeiro (goudzoeker) goed is. Na een tijdje lukt dat, maar van de gezichten van de Indianen is niet af te lezen of ze weten wat ze zeggen.

Volgens de FUNAI en missiewerkers in het gebied hebben de garimpeiros met hun lawaaiige vliegtuigen en machines de jacht voor de Yanomami onmogelijk gemaakt. De Yanomami Indianen zijn ondervoed geraakt en lopen daardoor allerlei ziektes op. De garimpeiros hebben ook nieuwe ziektes meegebracht waaronder nieuwe varianten van malaria waar de Indianen niet tegen bestand zijn.

Volgens de goudzoekers is dat echter onzin. Lauro Teixeira, een van de leden van de coöperatie die de Pista Jeremias ‘bezit’, beweert dat de FUNAI zeven jaar lang niet in het gebied is geweest en dat de enige bijstand aan de Indianen van de goudzoekers komt. “De zwaar zieke Indiaan in het opvanghuis van de FUNAI die laatst op televisie was te zien, was wel mooi door garimpeiros naar Boa Vista gevlogen.”

Cabaret
Teixeira geeft overigens toe, dat de twee pistas die zijn coöperatie in beheer heeft de enige zijn waar een grote mate van controle heerst. Wapens zijn er niet toegestaan en er is geen ‘cabaret’, waar cachaça (een sterke drank gewonnen uit suikerriet) wordt geschonken. “Daar is het soms echt het wilde westen. In een van de kampen worden zelfs op grote schaal drugs verhandeld”.

Ondanks de gedwongen werkloosheid hebben de cantines het niet erg druk. Dat is wel begrijpelijk, want de prijslijst liegt er niet om: “Frisdrank 0,10 gram goud, bier 0,25 gram goud, aansteker 0,20 gram”. Suiker is net zo duur als een aansteker. Een gram goud, gewonnen bij Pista Jeremias, brengt ongeveer 370 Nieuwe Cruzados op. Op de parallelle markt is dat ruim 25 gulden.

Ook de vliegprijzen worden nu in goud berekend, of het nu om vracht gaat of om passagiers. De goudzoekers moeten betalen voor elke vlucht behalve bij ziekte of overlijden. Ook in Boa Vista, de hoofdstad van de noordelijke Braziliaanse deelstaat Roraima, worden de artikelen voor de goudzoekerskampen in goud berekend. Niet voor niets zijn er veel meer Casas de Ouro, waar goud wordt opgekocht, dan gewone winkels. In sommige straten zijn er vier of vijf goudhandelaren naast elkaar. De radio voor de goudzoekers laat herhaaldelijk boodschappen horen als: “Francisco uit goudzoekerskamp Surucucu stuur meer goud want wat je stuurde is niet genoeg om je bestelling te betalen.” Of: “Carlos Antonio van Baiano Formiga, je vrouw vraagt om meer goud te sturen, want de kleine moet naar het ziekenhuis. Veel liefs”.

Zwaar werk
Het werk is zwaar. Goudzoeker David Strasberg laat zien waar hij met zijn ploeg het oerwoud heeft weggekapt en verbrand. Daarna is het vaak een meter of vier graven met de schep om aan de lagen te komen waar mogelijk goud zit. Pompen, gemonteerd op een vlot van lege olievaten, zijn nodig om het water weg te zuigen en dat maakt de goudzoekers afhankelijk van de eigenaars van de pompen. Zelf hebben zij meestal geen geld voor dergelijke investeringen. Van het goud dat zij vinden, mogen de vier mannen dertig procent houden. De rest gaat naar de eigenaar van de machines. Per baranco (put) moeten de goudzoekers zo’n vierhonderd gram goud vinden om de kosten eruit te halen. Dat komt neer op ongeveer een tot anderhalve kilo goud per maand. Daarvoor werken de goudzoekers van zonsopgang tot zonsondergang, dag in dag uit. Omdat zij geen tijd hebben om te koken, hebben veel van de groepjes van vier een vrouw in dienst om hun maaltijden te maken.

Hutjes
De meeste goudzoekers wonen met hun maten bij elkaar in zelfgemaakte houten hutjes, afgedekt met plastic. Onder een afdakje is de keuken met een klei-oven. Rondom de hutten zijn wat bananenbomen geplant door Indianen, maar vrijwel al het eten van de goudzoekers wordt ingevlogen.

Veel goudzoekers halen door de afhankelijkheid van prijzig luchtvervoer en dure machines nauwelijks hun onkosten eruit. De vakbond van de goudzoekers wordt geleid door grote goudzoekers, de mensen met de vliegtuigen en de machines die het overgrote deel van het goud opstrijken. Jose Teixeira Peixoto, bijgenaamd baixinho (kleintje) leidt de vakbond van goudzoekers van de deelstaat Roraima en is agent voor het organiseren van vluchten naar de goudzoekersgebieden. De leider van de vakbond van goudzoekers voor het hele Amazonegebied, Jose Antino de Machado, heeft vliegtuigen en zwaait de scepter over diverse operaties van goudzoekers. Hij is een echte goudmagnaat. Vakbondsstrijd in de zin van betere werkomstandigheden, hogere lonen (c.q. een hoger percentage van de vondsten), goedkoper vervoer en dergelijke is van hem niet te verwachten.

Enkelen worden rijk in de Braziliaanse goudvelden, zoals de man met de gouden grijns in het vakbondskantoor in Boa Vista, die zijn hele bovengebit in goud heeft laten zetten en een zware gouden ketting draagt. Maar voor de meesten blijft het bij hoop. Kokkin Maria: “We weten waar we voor werken, we proberen hier wat te verdienen om daarbuiten beter te kunnen overleven.”

Onzekere toekomst
De toekomst van de goudzoekerij in Roraima is echter onzeker geworden. De ongeveer 25.000 goudzoekers moeten op 19 maart zijn vertrokken uit het gebied van de Yanomami-Indianen. De overplaatsing van de goudzoekers naar nabijgelegen gebieden is echter zeer onzeker geworden. In het betreffende gebied, nationaal bos, mag geen mijnbouw worden bedreven. Verder is er een gerechtelijke procedure gaande over de eis om de nieuw-aangewezen gebieden van de goudzoekers opnieuw tot Indianen-reservaat te verklaren. De nieuwe goudzoekersgebieden liggen bovendien te dicht bij de gebieden van de Yanomami-Indianen om de Indianen te vrijwaren van besmetting met ziektes. Voor de goudzoekers lijkt er geen alternatief te zijn De meesten willen in elk geval niet terug naar de armoede die zij hebben achtergelaten.

Meer Brazilië | Index artikelen | Contact