British flag  Bandeira brasileira
Plaatje familiewapen De Munnick


 

Foto'tje kop uil Van de rust genieten

Bert Ernste

November 2008

Omslag boek ‘Voorbij de 
grens ligt het paradijs. Nederlanders in Zuid-Europa’ Wie van zijn rust gaat genieten als gepensioneerde, of omdat hij/zij ‘binnen is’ na de gunstige verkoop van het bedrijf, moet een nieuw leven beginnen. Menigeen heeft moeite met de overgang van een actief, werkzaam leven naar ‘niets hoeven’. Wie druk is, verlangt er vaak naar. Naar minder stress, niet meer dat gezeur van baas, collega, klant, geen vergaderingen meer die vaker theater zijn dan echte gedachtewisselingen, minder in de file staan. Eindelijk rust, tijd voor jezelf, voor hobby’s, relatie, voor reizen, of voor wat dan ook maar. Steeds vaker kiezen mensen ervoor om dat in een zonnig buitenland te doen. De beurs Second Home International in de Utrechtse Jaarbeurs begin oktober was weer groter dan voorgaande jaren. Daar zijn huizen te koop van Europa tot Bali, Florida, en Curaçao.

Als het zo ver is, blijkt de werkelijkheid vaak anders te zijn. Het is toch wel erg wennen om niet meer tussen de mensen te zijn, niet meer de status te hebben die bij de oude functie hoorde, niet meer te hoeven opstaan om naar het werk te gaan. Ineens mis je het slappe geklets bij het koffieapparaat op kantoor, waar je vroeger zo’n hekel aan had. Er is zelfs een periode geweest dat een aantal bedrijven cursussen gaven aan hun medewerkers die op korte termijn met pensioen zouden gaan. Als je gekozen hebt voor een plek onder de zon, komt daar nog eens het wennen aan een nieuwe omgeving, taal en cultuur bij.

Vlucht?
Het blijkt helemaal niet zo gemakkelijk te zijn om een leven van ‘zalig niets doen’ te leiden. Jan Gerhard Toonder (de eveneens schrijvende broer van Marten) beschreef het probleem fraai in ‘De spin in de badkuip’: “De thuisblijvers zeiden wel eens dat het een vlucht was, je terugtrekken uit het echte en belangrijke leven en ergens anders op een goedkoop plekje in de zon gaan zitten, zonder verantwoordelijkheid of zorgen. Zulke dingen zeiden ze van kloosterlingen en kluizenaars ook. Wie dit zeiden, zagen iets over het hoofd. Als je niet meer dagelijks betrokken bent bij het wereldgebeuren en niet langer dringt om een plaats op de voorste rijen, dan heb je ook niets om je achter te verschuilen voor het gezelschap van jezelf. Wanneer je de zee en de bomen, de dieren, de sterren, meer gaat liefhebben dan het politiek engagement en de economische conjunctuur, dan kun je je niet meer verbergen voor de grote verwondering. Als je de tijd gaat zien en de stilte gaat horen, dan kun je niet meer ontkomen aan de zin van het bestaan; en dat is zo’n schrikwekkende verantwoordelijkheid dat je wellicht zult vluchten, terug naar wat ze het echte en belangrijke leven noemen.”

Op vakantie lijkt het allemaal zo mooi en zonnig: lekker niets doen, staren in de verte, zwemmen in de zee, in het plaatselijke restaurantje verse sardientjes eten, wijntje erbij. Dat wil je toch elke dag? Niet voor niets zijn er op de televisie diverse emigratieprogramma’s. Het onderwerp leeft.

Voor Nederlander extra moeilijk
Het blijkt lang niet iedereen gegeven om zo’n rustig leven in een klein dorpje in de zon te leiden. Menigeen mist de contacten, de familie en heeft moeite om met de lokale bewoners contact te leggen. Velen vinden natuurlijk wel hun plek in een nieuw land. Toch is de overgang van een actief, werkzaam leven naar een luilekkerleven in de zon voor niemand helemaal zonder problemen, denk ik.

Wellicht hebben wij Nederlanders daar zelfs extra moeite mee. Wij hebben een ideologie van zinvol werk willen doen. Daar stoppen we dan ook heel wat in en putten we veel van onze eigenwaarde uit. Druk zijn is voor velen de norm en geeft status. Dat maakt de overgang naar dat rustige leven extra lastig. Ik heb altijd de indruk gehad dat mijn Portugese buurman indertijd, die als (aanvankelijk) illegale immigrant in Frankrijk werkte en zich daar keihard moest inspannen om later zijn vrouw en kinderen over te laten komen, gewoon heel blij was, toen hij na veertig jaar sappelen genoeg had om met pensioen te gaan.

Poffertjes
Ook voor werkende mensen is het trouwens niet gemakkelijk om een nieuw, ander leven te beginnen in een ander land. In ‘Voorbij de grens ligt het paradijs. Nederlanders in Zuid-Europa’ (1994) vertellen Carel Braak en Mieke de Waal uiteenlopende verhalen over mensen die in het zonnige zuiden een nieuw leven proberen te beginnen. Als poffertjesbakker in de Algarve (fofinhas, bolos holandeses), als boer in Frankrijk, als restauranthouder in Spanje. Dat valt nogal eens tegen. Wennen aan het land, de bureaucratie, de cultuur en dat alles terwijl je alles wat je bekend was achter laat, net als vrienden en familie.

Toch is er blijkbaar iets dat veel westerlingen (het fenomeen beperkt zich niet tot Nederland, natuurlijk) doet verlangen naar meer rust en het ‘echte, pure leven’. Zou er dan toch iets mis zijn met de manier waarop wij werken in de moderne economie, of met de manier waarop wij ons werk zien? Zijn we dan toch te jachtig en jagerig? Dat verlangen moet ergens vandaan komen. Het is toch niet alleen de zon die ons lokt?

Meer opinie | Index artikelen | Contact